Archive for the Merken Category

Kruidvat Eindhoven weert hond en bazin

Posted in kruidvat, Merken, Niet door de beugel with tags , , , , , , , , , on april 3, 2016 by vandraeckensteijn

Eindhovense uit Kruidvat gezet vanwege hond

Eindhoven, 3 april 2016

Deborah Lucardie, yoga instructrice te Eindhoven en tevens bazin van Franse Bulldog Otis, had een opmerkelijke ervaring deze zondagmiddag. Een gezonde wandeling met Otis bracht haar bij één van de Kruidvat filialen in Eindhoven, te weten die op de Strijpsestraat. Zoals ze wel vaker inkopen doet bij de betreffende drogist, was dit ook vandaag haar plan. En, zoals wel vaker, wandelt Otis een rondje mee aan de lijn, door de winkel…

Deborah en Otis

Deborah en Otis

Raus mit dem Hund!
Helaas, dat mag blijkbaar niet meer van de filiaalleiding. Deborah en Otis werden de winkel uitgezet. De Franse Bulldog is opeens “Canis non grata” en wel om de reden dat hij zich wellicht zou kunnen vergrijpen aan het schepsnoep in de zaak. Nou weet ik niet of een hond überhaupt interesse heeft in snoepgoed, de onze zeker niet, maar je zult maar meemaken dat de viervoeter een poes herkent in Katjesdrop en in de bak springt..

Bekeuring
Kruidvat lichtte de ernst van de zaak nog eens toe: Mevrouw Lucardie riskeerde een fikse boete vanwege schending van de wet. Ook het fililaal kon een boete oplopen door Otis toe te laten! Met verbazing hebben zowel Deborah als Otis deze argumentatie aangehoord. Het gesprek verliep net niet gezellig genoeg om inzage te vragen in de stukken waarover Kruidvat klaarblijkelijk beschikt, waarin vermeld staat dat toelaten van honden bij het schepsnoep een boete kan opleveren.

Je zult maar blind zijn..
…en trek hebben in een zak schepsnoep. Moet je je blindengeleidehond dan aanbinden buiten en al zwaaiend met je stok langs de rekken bij Kruidvat Strijpestraat? Ik kan mij namelijk niet voorstellen dat trainingscentra voor blindengeleidehonden de honden africhten op schepsnoep.

Hygiëne? Wat dacht u van straatvingers en snottebellen?
Deborah is boos en terecht. Het is volgens haar nog altijd de verantwoordelijkheid van de hondenbezitter m/v om ervoor te zorgen dat het aangelijnde gezelschapsdier zich gedraagt in openbare gelegenheden. Als het weren van de hond om hygiënische reden gebeurt, dan lust mevrouw Lucardie nog wel een plakkerig snoepje. Deborah: “Ik zie regelmatig kinderen loslopen door de drogisterij, met vieze vingers en snottebellen. De ouders kijken niet naar hen om.. en ja, deze kinderen staan met hun handjes in dezelfde bakken schepsnoep te rommelen. Bakken waar mijn hond niet eens BIJ KAN!”.

Kruidvat Strijpsestraat Eindhoven… daar moet u dus niet zijn met uw hond, tenzij u die torenhoge boete kunt betalen waar men mee dreigt.

Smart Watches: nu kopen of wachten?

Posted in Merken, Nieuws, Persoonlijk with tags , , on maart 15, 2015 by vandraeckensteijn

Als het om gadgets gaat, ben ik net een ekster. In de term “gadget” ligt echter besloten dat het stukje technologie niet per se nut hoeft te hebben. Regelmatig kocht ik elektronica vanwege de “wow” factor, de “wannahave” saus die er overheen lag. Veel van die gadgets liggen echter al een tijdje stof te vangen en zijn niet meer dan stille getuigen van een bijna oncontroleerbare hebzucht als het om toeters en bellen gaat.

Dat brengt mij bij het fenomeen Smart Watch. Is een Smart Watch nou echt nuttig? Ik weet het niet, aangezien ik er nog geen gekocht heb. Wel valt me op dat de fabrikanten massaal inzetten op het sportieve deel van de potentiële klantenkring. Als er iets is wat ik niet verlang van mijn “wearable”, is het wel dat het ding bijhoudt hoe gezond ik ben. Prima als een hartslagmeter, een stappenteller en god mag weten wat voor functie erop zit, als er ook maar andere dingen te doen en te beleven zijn met een Smart Watch.

Apple
Onvoorstelbaar hoe vroeg Apple haar horloge aankondigde. Maakten zij dezelfde fout als Google, met het veel te vroeg geïntroduceerde Glass, inclusief een Beta-testfase die eeuwig leek te duren? Glass is nog steeds niet op de markt en aan alle kanten wordt Google ingehaald door concurrenten. Het is Apple ook een beetje op dezelfde manier vergaan. Als ik de specificaties van het Apple horloge bekijk, dan kan ik binnen 5 minuten een aantal fabrikanten googelen dat een horloge op de markt brengt wat meer kan. Echter: die heten allemaal geen “Apple”. De sterke kant van Apple is in dit geval de achterban, de miljoenen fans van het merk, die blind vertrouwen op alles wat dit bedrijf voortbrengt. De Apple Watch zal ongetwijfeld een succes worden.

Wearable of Smart Watch?
De wereld van de wearables is inmens aan het worden. Wearables zijn natuurlijk alle draagbare stukjes technologie, Smart Watches vallen gewoon onder de categorie wearables. Je kunt wearables kopen die je helpen je sportprestaties in beeld te brengen, je gezondheid te monitoren. Een Smart Watch kan dat vaak ook, maar het hoeft niet. Wat een Smart Watch wel standaard moet kunnen, is je online leven naar je pols brengen. Kijken we naar de Smart Watches die op dit moment te koop zijn (ik laat Apple even in een apart hokje staan), dan zie je dat de meeste horloges gekoppeld moeten worden aan je telefoon via bluetooth. Ergo: de functies die je telefoon heeft, worden doorgegeven aan je horloge en je kunt je telefoon op zak houden. Leuk, zeker als je een surfplank à la Samsung Galaxy Note meezeult. De meeste Smart Watches geven whatsapp, Facebook, twitter en email door. Dat lijkt me handig inderdaad, alhoewel fatsoenlijk terug reageren dan mijns inziens wel weer via de smart phone moet gebeuren. Eigenlijk ben ik niet zo onder de indruk van Smart Watches. Zelfs de stand alone versies, die gebruikt kunnen worden met een sim-kaart en je dus je telefoon er niet bij nodig hebt, voldoen niet aan mijn idee van “wannahave”.

Er is een hele simpele reden voor in mijn geval. Een horloge zie ik persoonlijk als een functioneel sieraad. Een horloge zegt iets over de drager. Het gadget gehalt moet wel superhoog zijn, wil ik een Smart Watch in al haar lelijkheid omdoen. Er zijn zeker Smart Watches die ik voorbij zie komen online, waarvan ik denk: “Dat is zo cool, ik neem het design voor lief”. Dan hebben we het over armbanden die alle berichtgeving met een laserprojector op de bovenkant van je hand projecteren. Of naar onderen toe, op je onderarm. Helaas zijn deze armbanden allemaal nog in de crowdfunding fase en heeft er nog geen één het echte levenslicht gezien.

Toch is er een keerpunt…

Mooi en nuttig
De kop boven dit blogstuk zegt het al: kopen of wachten? Iedereen weet dat als je een “wachter” bent, je nooit iets koopt. De verbeteringen op technologisch gebied volgen elkaar zo snel op, dat je nooit tevreden zult zijn met de huidige status. Toch is er voor mij op het gebied van Smart Watches een punt waarop ik zal instappen. Dat moment wordt bepaald door de combinatie van mooi en nuttig. Natuurlijk is dat smaak afhankelijk en persoonlijk.. Maar mooi en nuttig in MIJN geval betekent dat oude techniek en nieuwe technologie elkaar kruisen. Er wordt aan gewerkt, door een aantal bedrijven.

Ik wacht dus nog heel even en geniet nog een tijd van onderstaand filmpje. Voor mij het startsein om in te stappen in de wereld van de Smart Watch.

Bricklin

Posted in Auto, Goud van oud, Merken with tags , , on januari 23, 2015 by vandraeckensteijn

Ik moet even iets delen. Iets over auto’s. En voordat jij, “auto’s doen me niets” lezer, wegklikt, wil ik even zeggen dat je misschien na het lezen van dit stukje je eigen auto meer gaat waarderen.

In mijn zoektocht naar onderdelen voor mijn Cadillac stuitte ik op een Amerikaanse autospecialist, die een leuk wagenpark heeft staan. Al bladerend door de klassiekers, kwam ik een auto tegen die ik nog nooit gezien had, laat staan ervan gehoord.

De Bricklin sportscar
What’s in a name? Brick=baksteen. We hebben het hier over een jongensdroom van Malcolm Bricklin, die begin jaren ’70 besloot om een auto te ontwerpen. Om er zeker van te zijn dat hij met lage productieaantallen toch rond kon komen, moest het een prijzige sportwagen worden. Hij ontwierp een lichtgewicht buizenframe en ging op zoek naar duurzaam beplatingsmateriaal. Dat moest kunststof worden. Zijn oog viel op het materiaal waarvan douchebakken gemaakt werden. Aangezien nog niemand dat gebruikt had in een auto, was hij uniek in deze keuze. De panelen werden versterkt met stalen platen en voila: duurzaam.

Een exotisch koetswerk rolde van de tekentafel… en bij zo’n uitstraling hoorde natuurlijk een dikke motor. Alle techniek werd geleend bij Ford en een flinke V8 moest de Bricklin de bricks uit de weg laten trekken. De auto werd door investeerders gefinancieerd, wat natuurlijk prachtig was, ware het niet dat de heren geldschieters haast hadden. Het gevolg: de Bricklin werd veel te vroeg en onder zware druk op de markt gebracht. De dag dat de eerste klanten hun bestelling konden afhalen, was meteen de dag die het einde inluidde voor dit excentrieke sportautootje…

Wat was er mis
Om te beginnen lieten veel klanten hun Bricklin bij ophalen gewoon staan, vanwege de enorme kieren in het koetswerk. Scheve naden, grote spleten, over elkaar schurende plaatdelen… Geen Bricklin was hetzelfde en de panelen waren te vervormbaar.

Degenen die hem wel meenamen, kwamen er al snel achter dat de bestuurdersstoel niet goed af te stellen was. De afstand tot het sportstuur was zo groot, dat veel bestuurders met kussens in de rug moesten rijden om bij het stuur te komen. Dat zelfde stuur was klein en dik, een echt sportstuur uit die tijd. Helaas blokkeerde het ding het totale zicht op het instrumentarium. Een Bricklinrijder weet nooit hoe hard hij rijdt. Of de politie dat als excuus accepteerde, is de vraag.

Dan de dikke V8. De layout en het formaat van de motor maakten dat na een snelle rit de boel niet snel genoeg afkoelde onder de douchebakmotorklep. Het gevolg: bij terugkomst van het boodschappen doen, kon het zijn dat je de auto met een gesmolten neus aantrof…

De uitsmijter (opsluiter)
De echte klap op de vuurpijl was echter het probleem wat bezitters hadden die zelf meer dan 80 kg wogen en alleen in de auto zaten. De vleugeldeuren van de auto blokkeerden in hun sloten als gevolg van scheeftrekken van de auto, door het gewicht van de bestuurder en de onbalans. Kon je meteen naar de brandweer rijden om je uit de auto te laten zagen.

De staat waarin Malcolm Bricklin zijn sportwagentje bouwde, verbood hem op een gegeven moment om zijn werkzaamheden voort te zetten. Verder dan de Bricklin V2 is hij niet gekomen.

Morgen ga ik naar dat bedrijf om onderdelen te halen. Daar ga ik die Bricklin eens goed bekijken en me alle ellende voorstellen die mensen ermee hadden. En genieten van het feit dat er een gek was die zich niet liet tegenhouden.

Bricklin. Dus.

bricklin

De keerzijde van Boretti

Posted in Merken, Niet door de beugel, Persoonlijk with tags , , , , , , , on oktober 11, 2014 by vandraeckensteijn

Jarenlang ben ik fan geweest van Boretti spullen. Keukenapparatuur op zijn mooist. Heb ik het merk verdedigd. Ik kook zowel buiten als binnen op Boretti. In de loop van de jaren ben ik er achter gekomen dat Boretti meer een perfect marketingplaatje is, dan een kwaliteitsmerk.

“Het beste uit Italië”.. Dat is wat er naar buiten gebracht wordt. Sinds we in dit huis zijn gaan wonen, nu 7 jaar geleden (kan iets langer zijn), koken we op een destijds gloednieuw geïnstalleerde Boretti VT96. De problemen die we als eerste ondervonden, waren loskomende schroeven van de rekjes waar de ovenroosters in geschoven worden.

Net buiten de garantietermijn, maar er werden schroeven opgestuurd. “Dan kunt u het zelf repareren”. Bleef het daar maar bij. Twee jaar geleden begaf de oven het. Aangezien ik geen zin had in torenhoge reparatiekosten, ben ik zelf op onderzoek gegaan. Toen bleek dat de elektrische brug die de schakeling voor de oven verzorgt, aan de buitenkant zit de selectieknop voor de ovenstanden, doorgebrand was. Kenmerk: alle isolererende plastic delen rondom de 220V stekkers lagen gebarbecued op de bodem. Kale stekkers, afgebrande kabels. Kabels vervangen en een nieuwe brug gekocht via een onderdelenhuis. 8 tientjes lichter, maar hij deed het weer.

Daarna gingen er sensoren kapot die moeten registreren of de kookpitten heet genoeg zijn. Oorzaak: doorgebrande kabels. Het isolatiemateriaal letterlijk afgevlamd.
Gerepareerd, elke keer weer een rotklus om dat fornuis uit het aanrecht te trekken.

Sinds kort doet de oven het weer niet. In eerste instantie verdacht ik dezelfde brug, maar die bleek okay. Weer het fornuis helemaal uit de keuken gehaald en de achterkant open gemaakt. En jawel: brandsporen! Zie foto’s. Je ziet letterlijk waar de vlammen langs het isolatiemateriaal gelikt hebben. De kabels waaraan de stekkers zitten zijn verkoold. De isolatie van de stekkers is kroepoek geworden.

Ik ga hem nog 1 keer repareren en bij een volgend euvel laat ik dit zogenaamde Italiaans vernuft (made in China?) ophalen door de oud ijzerboer en met het geld wat het RVS schroot opbrengt en een forse financiele aderlating bestel ik dan een fornuis van een betrouwbaar merk.

***update***

Na een online zoektocht naar nieuwe onderdelen, kom ik diverse andere gedupeerden tegen met allemaal hetzelfde probleem: doorgebrande electrische componenten. Boretti levert de onderdelen wel maar volle mep €… Als een fornuis een paar duizend euro kost, dan mag je als fabrikant toch wel kwaliteit leveren vind ik. Bah!

Jammer. Boretti’s design is briljant, de reclame is om bij weg te dromen. Maar brand in een fornuis op diverse plaatsen is me toch iets teveel 1870.

20141011-102002.jpg

20141011-101948.jpg

20141011-102037.jpg

20141011-102105.jpg

en toen was er iOS7

Posted in Merken, Niet door de beugel, Persoonlijk on september 26, 2013 by vandraeckensteijn

Ik ben een Android man. Heb altijd geageerd tegen iPhone en iPad. Reden: bad connectivity ten opzichte van het gemak waarmee Android gegevens uitwisselt. Toch ontkwam ik niet aan de iPhone. Naast mijn LG P920 die ik privé heb, loop ik nu sinds de introductie van de iPhone S4 met dat apparaat op zak. Ruiterlijk gaf ik toe dat voor beide systemen wat te zeggen viel. Voordeel van de iPhone: look and feel als mijn iMac thuis. Retesnelle, goedwerkende apps en een snelle camera. Dat doet de P920 hem niet na. Facebook en Twitter werken lekkerder op een iPhone vind ik.. 

Zo werd ik gaandeweg een hybride user. Whatsapp op de Android.. Facebook en Twitter op de iPhone.. Gmail werkt op beiden even goed. Het liep lekker. Zelfs durf ik toe te geven dat ik gehecht raakte aan het gebruiksgemak en de candylike appearance van de iPhone. Tot vandaag ging alles goed.

Screen-Shot-2013-06-10-at-3.52.24-PM

iOS7
Na installatie kijk ik beteuterd naar het beeldscherm. Dit ziet eruit alsof een kleuter de GUI (graphical user interface) heeft ontworpen. Als je iets minimalistisch ontwerpt, doe het dan in 50 shades of grey ofzo. Maar niet dit. Het geheel ziet eruit op het eerste gezicht als zo’n velletje goedkope likstickers die je vroeger midden in de BRAVO vond. Dan het menu. Net niet. Eigenlijk helemaal niet. Na rond te hebben gefokt met wat beeldscherminstellingen zit ik midden in een invoerscherm tegen een wazige ghostimage van mezelf aan te kijken. De camera staat dus gewoon aan en filmt mij, gebruikt het live beeld in blurry mode als living background. Leuk als je narcist bent, maar ik hoef het niet te zien. Ja, dat kun je uitzetten. Maar: om te beginnen had ik het (volgens mij) niet eens aangezet. Of toch? Niks is nog wat het lijkt.

Let wel: ik ben geen drol die tegen elke vorm van verandering is. Sterker nog: ik ben VOOR. Mits het een verbetering is. Tot nu toe vind ik iOS7 lijken op Windows 98. Mijn grote angst is, gezien Apple’s hang naar uniformiteit, dat de volgende systeemupdate voor de iMac er net zo grobbebollig uitziet. Downgraden dan maar?

Het lijk van Steve is nog warm en voila: de stagiaire ontwerpt even een nieuw iOS. Barst maar los tegen me. Er zijn ongetwijfeld fans onder jullie die dit helemaal de bom vinden. Vooralsnog is de iPhone weer gedegradeerd in mijn boekje en voel ik mijn waardering voor Android’s KitKat weer toenemen. Ach, het blijft appels en peren vergelijken.

Ze zijn er weer, onze gehaktballetjes

Posted in Eten & Drinken, Merken with tags , , , , on maart 24, 2013 by vandraeckensteijn
Foto copyright Ikea

Foto copyright Ikea

Net zoals zoveel andere Ikea familiepashouders (shoot me) ontving ik onlangs dit heuglijke bericht van de Zweedse spaanplaatgigant:

“Hej Draeck,
Vanaf vandaag staan onze heerlijke gehaktballetjes van goede kwaliteit weer op het menu in het IKEA restaurant. En natuurlijk worden ze weer op z’n Zweeds geserveerd, met roomsaus, vossenbessenjam en frites.
We hebben een aantal hectische weken achter de rug. Enkele weken geleden is in bepaalde partijen gehaktballetjes paardenvlees aangetroffen. We hebben de verkoop van de gehaktballetjes direct stopgezet. Met onze Zweedse leverancier en een extern kwaliteitscontrolebureau is vervolgens een onderzoek naar de situatie ingesteld. Samen hebben we twee dingen afgesproken:

De toeleveringsketen wordt vereenvoudigd door het aantal vleesleveranciers te beperken.
De controles bij onze leverancier worden verscherpt met DNA-analyses in verschillende fases van de productie.
Met deze verbeteringen weten we zeker dat in onze gehaktballetjes voortaan alleen die ingrediënten zitten, waarvan we zeggen dat ze erin zitten. En dat we elke dag en op elke mogelijke manier onze hoge kwaliteitseisen naleven.
Je vraagt je misschien af wat er gebeurt met al die gehaktballetjes die uit de handel zijn genomen. We zijn op dit moment op zoek naar de beste, duurzame oplossing. Tot die tijd blijven de gehaktballetjes in de vriezer liggen.
Hartelijk bedankt voor je begrip en steun.”

Ik zal daar even op antwoorden.

“Hej Ikea,

Hej? Hebben wij vroeger in de zandbak soms geknikkerd met Zweedse balletjes? Het is Mijnheer Van Draeckensteijn voor u, als ik u niet ontrief. Het principe van omgekeerde marketing is u niet vreemd zie ik. Terwijl u zich rot zou moeten schamen voor het feit dat u decennia lang Friese knollen in uw kantine serveert, gaat u nu de held uithangen. Die ingangscontrole op het vlees in de ballen had standaard onderdeel moeten zijn van uw inkoopproces. Punt.

DNA controle op de Zweedse gehaktballen. Man man… kan dat allemaal voor dat geld? Want dat is waar wij, de biobak van Europa, ons het meest aan verlekkeren in Nederland. Veel voor weinig. Daarom is uw meubelconcept ook zo’n succes. Eigenlijk is het zonde van het geld, dat onderzoek. U zou inmiddels moeten weten dat vleesetend Nederland niet echt wakker lag van al dat paardenvlees.

Eigenlijk had ik het wel charmant gevonden als u gewoon in een commercial had geroepen dat er sprake is van een prijs-kwaliteit verhouding die overeenkomt met de spaanplaatstructuren die u in de winkels verkoopt. Ach er zit pård in de ballen. Who cares. Mooi ook, die zin… Met deze verbeteringen weten we zeker dat in onze gehaktballetjes voortaan alleen die ingrediënten zitten, waarvan we zeggen dat ze erin zitten…
Jah.. ik kan me niet herinneren dat er ooit gezegd is waarvan de ballen gemaakt zijn. U hebt dus in feite nooit gelogen. Waarom dan het boetekleed aantrekken? Zelf dacht ik altijd, dat het bindmiddel in de ballen gewoon uit spaanplaatsnippers bestond.

Verder denkt u, dat IK me afvraag wat er met al die gehaktballetjes gebeurt die uit de handel zijn genomen. U bent op zoek naar de beste, duurzame oplossing. Tot die tijd blijven de balletjes in de vriezer liggen.

Wat denkt u zelf? Voor minder werden er op Schiphol al knaagdieren levend door de shredder gehaald. Ik heb daar maar één zorg over, over die stoute ballen van u: dat ze niet opduiken in een ontwikkelingsland of in het merk hondenvoer terecht komen waar ik mijn terriërs mee in leven houd. Wat dacht u van weggooien? Of vormen ze een biohazard voor het milieu?

Tot slot dankt u mij voor mijn begrip en steun. What the fuck? Begrip voor het feit dat die ballen tijdelijk niet verkrijgbaar waren? Lagen daar mensen wakker van dan? En steun? Hebt u echt emails gekregen om u te troosten? Beste Ikea, het spijt ons oprecht dat uw Zweedse ballen een beetje goofy zijn? Yeah, right.

Mijn zorg over uw bedrijf beperkt zich slechts tot een aantal zaken: ik wil niet nog een keer de spaanplaatsplinters uit mijn edele delen vissen, nadat het bed een partij wilde seks niet overleefd had (dit is serieus) en ik hoop dat uw inbus systeem niet stiekem over gaat in torx.

Framgång med dina kulor,

Jan van Draeckensteijn
Familiepashouder

What happens on ebay does not stay on ebay

Posted in Goud van oud, Merken, Mijn jeugd, Persoonlijk on februari 26, 2013 by vandraeckensteijn

Ebay. Jaren niks mee gedaan en ineens vol in the picture bij mij. De reden: ik begin verslingerd te raken aan het terugkopen van mijn jeugd. Gadgetfreak vanaf het moment dat ik op knopjes kon drukken, heb ik in de decennia dat ik besta veel electronica de revue zien passeren. De meeste gadgets gingen weer van de hand om er een ander een plezier mee te doen, kapot gingen ze bijna nooit, daarvoor was ik te zuinig op mijn spulletjes.

Bandai: Zaxxon

Had ik sommige dingen maar bewaard. Dan had ik nu niet koortsachtig ebay afgeschuimd op zoek naar vintage toys and electronics. Wat een feest der herkenning zeg! Het grote probleem doet zich nu voor: meebieden is zeer makkelijk en heel verleidelijk. Facebookvrienden herinneren zich de Cylon pop (Galactica 1) nog wel, die ik “won” op ebay, waarna ik even het boetekleed moest aantrekken van mevrouw Van Draeckensteijn. Openlijk bekend dus op Facebook dat ik een ietwat nerdy aanschaf had gedaan.. het gevolg: bijval op Facebook van de dames, die de aankoop van het chromen boosdoenertje maar stom vonden en een hause aan “vet”, “gaaf”, “cool” en “waar te koop” reacties van de heren onder mijn Facebookvrienden.

Boys will be boys dus. Ik probeer de ellende te beperken door als ik bied, mezelf in te houden. De “Buy now” optie probeer ik zoveel mogelijk te vermijden. Ik voel me als een vrouw in een volgeladen schoenenzaak. Soms biedt je een klein bedrag op een artikel en vergeet je dat je geboden hebt en wordt je blij verrast met een melding dat je voor dat bedragje iets super cools gewonnen hebt… (zo ploft er vandaag een retro LCD spel van Nintendo op de deurmat van Donkey Kong, double screen) en heb ik voor € 9,- een totaal onzinnige portable lasershow in China gekocht. Alibi voor die laatste: “Die kan mooi in de Mazda RX7 ingebouwd worden”. Ik moet stoppen met dat soort aanschaffen. Het is crisis tenslotte en als mevrouw Van Draeckensteijn zou zeggen niet blij te zijn met dit soort verrassinkjes, dan snap ik haar ook prima.

Nu het grootste dilemma: ik ben overboden op een horloge. HET horloge. Een Casio Game & Watch horloge met ingebouwd computerspel. Ik had exact dezelfde in 1985 en het ding is zoek geraakt. Op zolder ligt nog een hologram ergens, die ik van het ding heb laten maken op Space ’86. Uitgerekend DIT model is “ultra rare”. Er gingen er drie aan mijn neus voorbij op ebay de afgelopen maanden. Nu is er eentje in perfecte staat te koop, maar de kans is groot dat de prijs opgedreven wordt tot $ 250,- tot $ 300,-…. Wat te doen? Ik heb het er thuis al over gehad en samen kwamen we tot de conclusie dat technisch gezien het klokje dat geld niet waard is. Maar het gaat om emotionele waarde, om sentiment. Ik lig er wakker van zelfs. Geobsedeerd door een stom stuk electronica uit vervlogen tijden.

De veiling loopt nog 1 dag. Nu al weet ik dat als ik zonder mee te bieden het moment laat passeren, ik spijt ga krijgen. Het bedrag verantwoorden is onmogelijk en soms denk ik bij mezelf: je lijkt wel gek om zoveel geld op te hoesten voor zoiets onzinnigs.

Aan de andere kant: ik rook. Als we het hebben over geld over de balk smijten voor iets onzinnigs, dan hebben we denk ik de moeder aller onzinnigheden wel te pakken. Het idee om te stoppen met roken en als beloning dat zeldzame horloge aan te schaffen begint inmiddels handen en voeten te krijgen. Vanavond maar eens met mevrouw Van Draeckensteijn overleggen…

“Jemjemjem”

Posted in Eten & Drinken, Goud van oud, Merken, Mijn jeugd, Persoonlijk with tags , , , on januari 13, 2013 by vandraeckensteijn

Televisie kijken is dankzij twitter weer een “sociale bezigheid”. Met gebruikmaking van de bij een bepaald tv programma horende # (hashtag), wordt er driftig commentaar gegeven door hele hordes mensen op twitter, terwijl thuis de televisie staat te loeien. On the fly commentaar op uitspraken, situaties, kleding.. iedereen praat driftig door elkaar en mee. We zijn ook in staat om EN het programma te volgen EN in de gaten te houden wat onze vrienden op social media er van vinden.

Kop houden en tv kijken!

Dat had ik vroeger eens moeten proberen. Had mijn vader er al een probleem mee dat je door een tv programma heen praatte, zijn moeder was nog veel erger. Oma zat IN de tv. Wie zijn klep opentrok, werd afgeblaft. Dat liet je wel uit je hoofd dus. En toch.. ik genoot van tv avonden bij oma thuis. Het fanatisme waarmee ze haar favoriete programma’s keek en zelf het commentaar erbij verzorgde (ja, zelf mocht ze er wel doorheen lullen. Oma was een soort eindbaas), was aandoenlijk en vermakelijk. Van een afstandje keek ik naar oma, met een half oog het programma volgend. Zo had ze haar favorieten: Ron Brandsteder (volgens haar een fijne lieve man), Andre van Duin (die vast en zeker gepest werd in zijn jeugd), Piet Bambergen (volgens oma moest die man in het echt ook zo zijn) en de toppers Johnny en Rijk. Zat je dan, in de met tierelantijntjes gedecoreerde huiskamer van oma, zijzelf in haar luxe stoel met art deco krullen, voetjes op een voetenbankje met een gehaakt kleedje en.. de borrel binnen handbereik. Als John Kraaijkamp Sr. het beeld sierde ging de tv harder. Oma genoot en wij genoten mee. Owee als je er tussendoor sprak. “En nou allemaal de kop dicht!”. Dat was een waarschuwing die zelfs mijn vader ten deel viel. Die protesteerde nog wel eens als hij zo werd toegesproken, maar kreeg de nekslag waar wij bij zaten, met een ferm “ja en ik ben je moeder.. nou jij weer..”

John Kraaijkamp Sr.

Daar ga ik het even over hebben. Van alle Nederlandse sterren uit die tijd, liep hij als een rode lijn overal doorheen. Mijn vader en ik hadden, net als oma, “een dingetje” met hem. Pa betitelde de humor van John als “typisch Amsterdams” en we genoten er samen van. Niet alleen van de vele tv optredens, ook van de liedjes (op youtube staan een paar hele mooie) en in het bijzonder van de televisiereclames waarin hij schitterde. We waren een reclamenest thuis en hadden op veel commercials wel wat aan te merken. De juweeltjes onder de reclames werden echter op het puntje van de bank gevolgd. Reclames met John in de hoofdrol waren favoriet! We genoten van die ondeugende kop van hem, nog voordat hij een woord gezegd had. Als ik nu zou beginnen te zingen “C en Aaaaa…” dan vullen de ouderen onder de lezers dit automatisch aan met “..is toch voordeeeeliger!”. Stonden ze, op het dak van de C&A, John en Rijk. We genoten er met volle teugen van. De allerbeste reclame met John in de hoofdrol vond ik zelf die van Volnij melk. Volnij, een afkorting van De Volharding Nijkerk. De melkfabriek uit het gereserveerde Nijkerk maakte uitgerekend gebruik van de grootste humoristische boef uit die dagen. Briljant. Situaties waarin John al melkdrinkend voorbij kwam, druk pratend en trots op de houdbare melk die hij als overlevingspakket bij zich had. De uitsmijter was elke keer het geluid wat hij maakte na het drinken van de melk… “Jemjemjem”. Mijn vader en ik dreven mijn moeder en zus tot waanzin aan de ontbijttafel, door na elke slok melk te gaan zitten “jemjemjemmen”.

Het toeval wil dat ik in Nijkerk werk, inmiddels al een jaar of vijf. De reclames van Volnij waren, zoals zoveel herinneringen, gearchiveerd onder het kopje “vroeger”, ergens in mijn hoofd. Tot ik via social media in contact kwam met Sanne, de dochter van John. Ik realiseerde me, na het zien van lieve foto’s van haar en haar papa, dat John naast een publieke held vooral ook haar held was. Gewoon een lieve vader. Eentje die stevig gemist wordt. Daarom, Sanne, is dit blogstuk voor jou. Mijn kleine bijdrage aan een herinnering aan die veelzijdige kerel, met zijn grappen, grollen en gevoeligheid.

Ik betrap mezelf er op dat ik sinds kort, bij het passeren van het bord “Nijkerk”, even “jemjemjem” doe. For old times sake.

XXX

Draeck

Watch me

Posted in Merken, Mijn jeugd, Persoonlijk on augustus 14, 2012 by vandraeckensteijn

Mijn Smith & Wesson Tritium H3

Horloges. Een kleine tic van me. Nu denken jullie misschien aan merken als Breitling, Rolex etc. maar daar ligt mijn hart niet, hoe fantastisch mooi die soms ook zijn. Als we het hebben over horloges in mijn geval, dan ga ik altijd voor de “geek stuff”. Al vanaf mijn jeugd moest een horloge iets kunnen wat een ander horloge niet kan. De meeste geek watches heb ik niet meer, allemaal versleten doordat de behuizing en mijn huid ruzie kregen. Mijn huidige horloge heb ik al jaren, het is een onverwoestbaar, simpel ogend klokje van Smith & Wesson. Inderdaad, de wapenfabrikant uit de USA. Het apparaatje is Army Issue en gemaakt om in barre omstandigheden te overleven. Mijn pols is zo’n barre omstandigheid dus. Wat maakt dit horloge voor mij bijzonder? De verlichting. Geen fosforiserende, fluoriscerende of led verlichte wijzers en wijzerplaat. Alle oplichtende delen zijn gemaakt met glazen buisjes, die gevuld zijn met Tritium H3, ook wel stardust genoemd. Tritium is een afvalproduct van kerncentrales. Het goedje hoeft niet in daglicht opgeladen te worden, maar geeft dag en nacht onafgebroken licht van zichzelf. Met een vervaltijd van 25 jaar zitten we dus nog een tijdje goed ’s nachts. De naam stardust kreeg het in de wandelgangen, omdat H3 op aarde van nature voorkomt in blokken meteoriet die uit de hemel zijn komen vallen. Here to stay, die Smith & Wesson. De Israëlische tegenhanger, van Uzi, werkt hetzelfde. Misschien wordt dat de volgende.

Gisteren was ik mijn hart aan het ophalen op mijn favoriete horlogesite. Op www.tokyoflash.com staan de meest geeky en futuristische creaties! Ik smul ervan. Tokyoflash was het eerste bedrijf dat de LED dial invoerde. Wij zijn gewend om de tijd op twee manieren af te lezen: analoog en digitaal (numeriek). Tokyoflash bewees dat het ook anders kon. Door LEDS op een bepaalde manier te positioneren en in een patroon aan te laten gaan, moet je de tijd zelf berekenen of beredeneren. Is dat handig? Nee. Cool? 100%… Jaren geleden kocht ik een horloge bij TF volgens het 12-5-9 principe. Als je het systeem eenmaal doorhebt, kijk je met net zoveel gemak naar de tijd, als bij een conventioneel horloge. De buitenwereld snapt er alleen geen drol van en het design van het horloge doet vermoeden dat je electronisch huisarrest hebt. Tip: kijk op de site van TF ook even bij “blog”, alwaar het Japanse bedrijf designers van over de hele wereld ontwerpen laat plaatsen voor mogelijke nieuwe creaties. De meeste ontwerpen zijn daadwerkelijk uitvoerbaar, enkele hebben het inmiddels gehaald tot productiemodel!

Mijn 12-5-9 heb ik zorgvuldig uitgekozen. Het is een gelimiteerde oplage geweest, ontworpen door een Japanse architect, geproduceerd door TF, als eerbetoon aan een gebouw in dezelfde vorm. Met trots heb ik het klokje een jaar gedragen, totdat mijn huid weer eens opspeelde en vond dat het tijd was om het dingetje naar de vitrine te verbannen. Zonde, na alle moeite die ik heb gedaan om er aan te komen, na de ruzie met de douane, die niet geloofden dat het om een horloge ging en die ik aan de telefoon het 12-5-9 principe niet uitgelegd kreeg.

Gisteren het horloge er na jaren maar weer eens bij gepakt. Eigenlijk hoort zo’n ding niet in de vitrine vind ik. Zo’n klokje verdient het om aan een pols te prijken en gebruikt te worden. Daarom mogen jullie reageren op dit blogstuk, als je iemand kent die horlogefreak is, of als je zelf horlogegek bent. Geef in een reactie weer waarom jij vindt dat dit horloge in bezit moet komen van een speciaal iemand, of waarom je hem zelf graag zou willen hebben. Aan het eind van de maand trek ik een gelukkige uit de reactie en deze persoon krijgt de 12-5-9 kostenloos toegestuurd van me. Je hebt dan een collectors item in handen, of nog beter, aan je pols.

Deal?

Het filmpje is gisteren gemaakt, daarop is goed te zien dat het horloge gebruikssporen heeft, maar nog steeds collectable is.

Kløtekvåliteit

Posted in Merken, Niet door de beugel, Persoonlijk, Sex on april 18, 2012 by vandraeckensteijn

Foto: Grabarz & Partner, Germany

Kom ik op de wc toch de 2012 Ikea catalogus tegen. Hoe die daar nou weer komt.. Hoe dan ook, het is DE doorkijkbijbel voor de langere zit, dus toch maar doornemen. Ze lijken allemaal op elkaar, die gidsen. Vorig jaar ook al de metalen PS kast… Ja, nog meer herkenbare spullen… Mijn gedachten dwalen af. Naar de vreugde die hand in hand gaat met ellende bij Ikea.

Het begint al in de winkel. De route is vermoeiend vind ik. Al snel kijk ik niet meer naar de meubels, maar naar het publiek. Dochterlief krijgt eerste uitzetje kado van moeder en vader. Vader tilt een stoel op, zet hem ruw neer en wiebelt aan de rugleuning. Die is geschikt voor op kamers. Moeder oreert aan één stuk door over kleurcombinaties. Dan stoppen ze bij een bed. “Die is leuk!”, blaat moeder. “Ik kan een bed van een medestudente overnemen, mam..”, verdedigt het lekkere jonge ding zich. Pa interesseert het niet. Ik snap hem meteen. Veilig je dochter met een éénpersoons Ikea bed opzadelen. Duhuh. Nu hoor ik jullie denken: “Ja, Draeck, maar dat nodigt dan meteen uit tot op elkaar lig hobbyisme!”. Forget it.

We schrijven 1994. Met bloed zweet en tranen leg ik de laatste hand aan tweepersoons bed “Føcknesta”. Prachtig bed. Matras Sultan erin en oh boy, ik voelde me al de Sultan en had in gedachten al een hele harem aan het voeteneind staan. Afijn, het Ikea dekbed met de afwijkende maat in de veel te grote hoes gepropt die dan weer niet van Ikea kwam. Bedtijd! Yiha. Je kent dat wel. Met hormonen als hoofdbrandstof doe je je ding. Brains zijn afgezakt naar een zekere plaats… Geen oog meer voor alles om je heen, ook geen oor. Had ik dat maar wel gehad, want bij elke beweging kraakte het bed harder. En dan, net voor het moment suprème… Met zijn tweetjes nog harder naar de kelder dan de Titanic “pap” kan zeggen. Not funny. Coïtus Interruptus Ikeanis.

Midden in de nacht met een druipende piel in badjas zoeken naar sloophout in de schuur, met je blote voeten trappend in zaagsplinters. En dan buiten zagen, hameren, de buren die uit het raam kijken.. Een mokkende ega die in een hippe matraskuil TV zit te kijken.. “Schat kun je even uit bed? Ik ga een stut maken.” Scheldend en tierend al die latten eerst verzamelen. Ducttape. Altijd ducttape erbij. En jawel, anderhalf uur later staat er een klos onder het midden van het bed, formaat olifantenpoot. Totaal sjaggo instappen en vervolgens drie weken lang de daad uit angst maar op de bank beneden gedaan.

Ik sjok verder door Ikea. Kom bij een huiskamertje met een prachtige schappenkast. Een echte nerd van een boekenwurm staat de vakken op te meten. Daar kan hij zijn Encyclopaedie mooi in kwijt. Voor eventjes. Meteen een deja vu! Marc D., beroemd Eindhovenaar en Social Media expert heden ten dage, dacht in onze studententijd zijn gehele boekencollectie te kunnen huisvesten in zijn studentenkamertje. Trots mochten we kijken naar het kersvers in elkaar gesleutelde, zwarte schappenkastje. Strak werk! Tot de boeken erin stonden. De planken hingen zo door, dat het ding meer weg kreeg van het dak van een Japanse pagode. En in het midden wel een vrolijk gezicht, drie van die Smileys. We mochten daarna ook niet meer springen en hossen van het heerschap. Zelfs niet in de buurt van de kast komen.

Verderop in Ikea staat een man in joggingpak een tv-dressoir op te meten. “Kèk Anita, hier kenne Keffin en Sjajen de pleesteesjen kwèt.. alles zit achter ut kleppie..”. Oooops. TV-dressoir in huize Draeckensteijn. Klepjes en laadjes en deurtjes. Met scharnieren die niet bestand zijn tegen kinderklauwtjes. Ik repareer altijd mijn Ikea meubels tot ze echt op zijn. De eerste keer haal ik alles uit elkaar en zet ik het weer in elkaar met houtlijm erbij. Daarna tip ik de kale spaanplaatplekken, waar ooit fineer zat, aan met zwarte of bruine Edding, of Tipp-Ex. En als alle schroeven waar een hefboomwerking op staat, door het spaanplaat breken (die laten dan zo’n lekkere zieke korstige plek achter), dan gaat de houtboor dwars door de plaat en wordt het betreffende onderdeel met een lange slotbout met dikke moer vastgezet. Ons tv-dressoir zit nu in die laatste fase. Near death. De volgende stap is de kast naar buiten gooien met de bedoeling hem in brand te steken of iemand met een aanhanger te bellen en naar de stort te rijden. Maar niet voordat hij eerst een seizoen regen en vorst over zich heeft gehad. Niks zo geil als opgezwollen spaanplaat en fineersnippers die naar de hemel wijzen, alsof ze weten dat daar hun laatste rustplaats is.

Toch doe ik het steeds weer. Omdat het zo makkelijk meeneemt. Zo betaalbaar is. Ik stink erin. Onze Boston Terriers hebben nu de tweede Ikea salontafel kaalgevreten. Het zijn Amerikaanse honden en je hoort ze bijna grommen: “Eurotrash!!!”. Het is net de Gazastrook bij ons in huis. Alles wat aan DHZ meubilair naar binnen gesleept is, is kapot. Ligt dat aan ons? Zijn wij dan zo’n lomp gezin? Ja, een beetje lomp zijn we wel, toegegeven. Maar er moeten toch meer mensen zijn, out there, die net als wij een bordje met “Instortingsgevaar” bij de deur naar de woonkamer hebben staan?

Ik blader nog even verder in deze hellegids. De namen… Laminaat “Slätten”, pagina 363. Kan niet tegen vocht. Dat u dat even aan de slät in huis meedeelt. Dank u. Zelfde pagina. Laminaat “Golv”. Had ik in mijn huisje in Duiven ooit. En inderdaad. Wat een golven! Badmat “Näckten” komt voorbij. Genekt door badmat “Näckten”, die niet op zijn plek bleef liggen denk ik meteen. Pagina 337. De mooie Zweedse koeienhuid “Koldby”. Yeah right. De koe is eruit. Erg “Warmby” istie niet meer he. Pagina 319. Op die bladzijde ook het kussen “Vilmie Rand”. Visioenen van vage downloadsites met titels als “Vilmie Rand does Stockholm”. Dat dus.

Ik stop ermee. Als laatste valt mijn oog op pagina 223. Babybed “Sniglar”. Welke idioot verzint dit. Blije baby in het bedje. Een moeder die eroverheen hangt en terugdenkt aan 9 maanden daarvoor, toen haar man, duidelijk opgewonden, slechts gekleed in witte tennissokken, voor het echtelijk bed een helicoptertje deed en riep: “Ik stöp mijn dikke sniglar in jouw nåtte völvågårågø!!!!!”

Dank u.

P.S. ik ga het wel een andere keer hebben over Zweedse gehaktballen.